Reductionisme

In het wetenschappelijk en filosofisch debat grijpt het reductionisme om zich heen. Sla een psychologie magazine open en het is al heel normaal dat de werking van het zenuwstelsel (vooral de hersenen) wordt beschreven; de vooronderstelling is dat kennis van de psyche en kennis van het brein iets met elkaar te maken hebben. Sterker nog: is er wel een verschil? Is de ‘psyche’ nog houdbaar en wat zegt dat over het reductionisme en daarin vooral de steeds meer biochemische benadering van menselijk gedrag?
In dit blog wil ik uitleggen wat reductionisme globaal is, wat de implicaties wel en niet zijn voor de psyche en de kennis daarvan en als laatste: hoe twee termen het NLP daarbij kunnen helpen.

Eerst: wat is reductionisme?

Reductionisme is een -isme, dus een stelsel overtuigingen gebaseerd op reduceren. Ducere is Latijn voor leiden, wat maakt dat reduceren ‘herleiden’ betekent. Zo kun je dus menselijk gedrag herleiden tot bijvoorbeeld processen in de hersenen; en die weer op een kleiner niveau tot chemische processen. Het gaat er bij reductionisme altijd om, dat iets te herleiden valt tot kleinere constituenten (delen). Zo is inmiddels bekend dat emoties gevoeld worden wanneer bepaalde chemische verbindingen (bijvoorbeeld de stof dopamine) bepaalde plaatsen in de hersenen passeren. Reductionisme is stellen dat de emotie dus te herleiden valt tot (chemische) processen. Dat roept de vraag op: zijn andere invalshoeken nog wel actueel, of is de psychologie van de toekomst slechts een kwestie van het brein goed ‘geprogrammeerd’ krijgen?

Invalshoeken
Wanneer we naar de kennis van gedrag en ervaring (het vakgebied psychologie) kijken, dan kan dat vanuit verschillende invalshoeken. De biologische invalshoek is de reductionistische benadering en daarmee het meest ‘bèta’ (technisch, meetbaar, procesmatig, objectief). Wie streeft naar dingen direct en meetbaar kunnen waarnemen op detailniveau, zal dus veel hebben aan deze benadering.
Echter, deze processen voltrekken zich niet in een vacuüm. Veranderingen in de chemie van de hersenen kunnen ontstaan door invloeden van buitenaf. Wie dat buiten beschouwing zou laten, reduceert te gulzig; belangrijke factoren worden buiten beschouwing gelaten. Hierom is een louter neuropsychologische benadering onvolledig. We hoeven niet te doen alsof we slechts een brein met een programma zijn. Dat zijn we misschien wel, maar dan in interactie met de omgeving.
In een vorig blog schreef ik over de omwending van het begrip cybernetica. Ooit verwees de Oud-Griekse variant naar de stuurman of sturende kracht, nu naar het (van buitenaf bekeken) proces van terugkoppeling van informatie. En dat is wat er gebeurt. De hersenen reageren op prikkels (zintuiglijke informatie) en kunnen bij het bestuderen van gedrag niet los gezien worden hiervan.
Is dat belangrijk, of slechts een filosofische kanttekening? Het eerste. Want hoe vaak wordt gedrag wel niet beoordeeld als iets wat louter vanuit de persoon zelf komt, in plaats van als iets wat in relatie staat tot de omgeving, maar bijvoorbeeld ook het verleden van de persoon? Reductionisme helpt in kaart brengen wat op detail niveau gebeurt; de andere invalshoeken helpen verklaren waarom dat dan weer gebeurt. En dat is dan ook weer in wisselwerking met elkaar. Zo zijn hersenprocessen verder te reduceren tot chemische; maar hersenprocessen vinden omgekeerd plaats in een lichaam, wat in een omgeving verkeert welke getypeerd kan worden als ‘cultuur’. En dat is weer een onderdeel van de levende natuur, als onderdeel van de gehele natuur. Dit alles staat met elkaar in verbinding. Er is geen zinvol antwoord (nodig) op de vraag wat het meest essentieel is. Elke invalshoek levert een nuttige bijdrage.

Reductionisme

Up- en downchunken
In het NLP worden de termen ‘upchunken’ en ‘downchunken’ gebruikt om in je communicatie op een hoger of lager abstractieniveau te spreken. Upchunken betekent het grote geheel in je spreken betrekken, in algemenere termen. Hierbij zou de psyche kunnen passen als totaal van alle innerlijke ervaringen en gedragingen. Het gaat dan niet meer om een object dat we bestuderen; in die zin is de psychologie gereduceerd tot hersenwetenschap: downchunkend reductionisme. Omdat deze kennis aangevuld moet worden met die vanuit andere invalshoeken, is het soms weer nodig om te ‘upchunken’ en te zien dat alles onderdeel is van een geheel.

 

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>